Bevelvoerder
Een bevelvoerder bij de brandweer geeft leiding aan de bemanning van een tankautospuit en eventueel een aanvullend voertuig zoals een autoladder, hoogwerker of hulpverleningsvoertuig.
De bevelvoerder is verantwoordelijk voor de juiste inzet van de aan hem toegewezen manschappen. Bij kleine inzetten is de bevelvoerder de leidinggevende bij het incident. Bij grotere incidenten zorgt een Officier van Dienst voor de coördinatie tussen de verschillende bevelvoerders en voor de communicatie met de meldkamer. Wel zal bijna altijd een bevelvoerder als eerste ter plaatse zijn, deze maakt dan een eerste plan van aanpak naar aanleiding van een verkenning.
Tijdens de rit naar het incident, het "aanrijden" heeft de bevelvoerder contact met de meldkamer en ontvangt daarbij de beschikbare informatie en vraagt eventueel om bijstand van andere brandweereenheden, ambulance, politie of andere organisaties. Hij draagt de informatie over aan de manschappen en deelt de manschappen in. Hierbij worden in principe twee man (nummers 1 en 2) de aanvalsploeg en de nummers 3 en 4 de waterploeg. Een bevelvoerder is te herkennen aan zijn enkele streep over de helm.