Brandpreventieforum Forums Bouw Woning en garage in een BC en ook in een SubBC?

12 berichten aan het bekijken - 1 tot 12 (van in totaal 12)
  • Auteur
    Berichten
  • bart van rijnsbergen
    Participant
    Post count: 5
    #2827 |

    Een hele goede middag.

    Een pakhuis is onder het BB 2003 verbouwd tot één woonfunctie met een inpandige overige gebruiksfunctie (voor het stallen van motorvoertuigen) met een GO van ongeveer 75m2. Tussen de woonfunctie en de OG zat een WBDBO van 60 minuten.

    Nu is het pand (eindelijk) klaar, alles is in orde, alleen de WBDBO is niet goed.
    De opdrachtgever wil nu een wijzigingsaanvraag doen voor het wijzigen van de WBDBO van 60 minuten naar niets. Dit omdat de garage en de woning in één BC mogen liggen en de toezichthouder vroeg het weer aan mij.

    Tot zover kan ik hem wel volgen, maar ik ben van mening dat de woning en de garage niet in het zelfde (beschermde, voor de woning) Subbrandcompartiment mogen liggen en zal er toch een bepaalde mate van WBDBO tussen deze ruimten moeten zitten.

    Zie hier de toetsing die ik heb uitgevoerd.
    Ben benieuwd naar jullie antwoord, en alvast bedankt voor het meedenken……

    Bart
    [attachment=0]Toets brandcompartimenten 20140122.pdf[/attachment]
    Toets brandcompartimenten 20140122.pdf

    Attachments:
    You must be logged in to view attached files.
    arno lommers
    Participant
    Post count: 86

    Het VG van de woonfunctie moet op grond van 2.92 lid 4 in een Beschermd subbrandcompartiment liggen. Het beschermd subbrandcompartiment heeft een maximale oppervlakte van 500 m2, er staat nergens dat de OG niet n datzelfde sub-bc mag liggen. Het VG van de woonfunctie is geen beschermd subbrandcompartiment. Conclusie: de overige gebruiksfunctie kan in hetzelfde sub-bc liggen. De WBDBO mag 0 zijn.

    Joachim BolteJoachim Bolte
    Moderator
    Post count: 2256

    Sterker nog, wanneer die overige gebruiksfunctie kleiner dan 50 m2 is, mag ze op grond van art. 2.82 lid 7 statusloos zijn, en geheel buiten het BC van de woning vallen zonder zelf in een BC te hoeven liggen. Voor de WBDBO van de begrenzing van je woning hoef je dan alleen te kijken naar andere BC’s. De scheiding tussen de garage en de woning hoeft geen brandwerendheid te hebben.

    Wat er wel veranderd is in Bb2012 is de plek waar wordt omschreven welke functies bij elkaar mogen liggen. Vroeger stond dit bij de bepalingen voor sub-brandcompartimenten (wat we nu als beschermd subbrandcompartiment kennen), maar tegenwoordig staat het bij de bepalingen voor brandcompartimenten (zie art. 2.83 lid 5). Dat heeft tot gevolg dat elke woning (ook in woongebouwen!) kleiner dan 500 m2 nu gelijktijdig een BC, een sub-BC en een beschermd sub-BC is. De buitenwand heeft dus een driedubbel eisenpakket, en wanneer eisen zich inhoudelijk dubbelen telt de strengste eis.

    Een normale garage is prima te beschouwen als nevenfunctie van het wonen, dus zou in hetzelfde BC mogen liggen. Let er daarbij wel op dat de garage ‘ondergeschikt’ moet zijn aan het wonen. Een klusschuur met dezelfde afmeting als de woning op zich is moeilijk als ondergeschikt te beschouwen. We zouden het plan moeten zien om hier iets over te kunnen stellen, maar ik kan me levendig voorstellen dat de gemeente heeft bepaald dat een garage van deze vorm en omvang niet als ‘ondergeschikt’ kan worden gezien, en juist daarom in een apart BC moet liggen. Dat zou je eis verklaren.

    Daarnaast is er, zoals Arno ook al aangeeft, geen verplichting om een BC op functieniveau te splitsen in besch.sub-bc. Dat een VG in een besch.sub-bc moet liggen, wil niet zeggen dat de functie waartoe dat VG behoort een apart besch.sub-bc moet ZIJN.

    Joachim BolteJoachim Bolte
    Moderator
    Post count: 2256

    Wat ik aan je toets trouwens nog merk, is dat je niet duidelijk het verschil maakt of de OG nu een losstaande ‘overige gebruiksfunctie’ is, of dat het er een is die ‘ondergeschikt aan de woonfunctie’ is. Dat is belangrijk om te weten, omdat sommige van de eisen op gebouwfunctie-niveau worden gegeven, en andere weer op ruimtefunctie-niveau.

    bart van rijnsbergen
    Participant
    Post count: 5

    Dank alvast voor de antwoorden.
    De vraag is dus: wanneer is er sprake van een nevenfunctie?
    Ligt dat aan de grootte van de beide functies? Het is wel zo dat de overige gebruiksfunctie absoluut bij de woning hoort en niet bij een andere functie.
    De overige gebruiksfunctie is bijna de hele begane grond, op de trapopgang en wat kasten na, en de woonfunctie daarboven is op de 1e etage gelegen.
    Mag een verblijfsgebied (wonen) en een functiegebied (Overige gebruiksfunctie) in een Beschermd SubBC liggen?
    artikel 2.92, lid 4 (alleen aangewezen voor WF) geeft aan dat VG in een BeschSBC moet liggen. OG is niet aangestuurd, mag die dan zomaar meegaan?

    Tekening krijg ik helaas niet geupload, is zeker te groot.

    (Laatste reactie hoor, dan moet het maar met 0 WBDBO.)

    Joachim BolteJoachim Bolte
    Moderator
    Post count: 2256

    DAt zou betekenen dat de overige functie en de woonfunctie bijna even groot zijn… Op dat moment kan ik me zeker voorstellen dat de gemeente (die in dit geval het laatste woord heeft) het niet als ondergeschikt wil zien. En dat het dan ook een apart brandcompartiment moet zijn ten opzichte van de woning.

    Vraag het voor de zekerheid even na bij de gemeente, zij kunnen vast nog wel hun toetsing reproduceren. ‘zomaar’ even uitvoeren met 0 WBDBO gaat hem niet worden, je wijkt tenslotte af van de vergunning. En als je hiervoor een wijziging gaat aanvragen breng je de gemeente toch wel op de hoogte van je probleem. Dat kun je beter voor zijn.

    Je opmerking ‘alleen is de WBDBO niet goed’ in de eerste post snap ik daarnaast niet helemaal. waarom is die niet op orde, is er in eerste instantie al niet volgens vergunning gebouwd? En heeft de gemeente dat al geconstateerd?

    jan hus
    Participant
    Post count: 534

    DAt zou betekenen dat de overige functie en de woonfunctie bijna even groot zijn… Op dat moment kan ik me zeker voorstellen dat de gemeente (die in dit geval het laatste woord heeft) het niet als ondergeschikt wil zien. En dat het dan ook een apart brandcompartiment moet zijn ten opzichte van de woning.

    Het criterium "ondergeschikt" lijkt mij geen correct criterium om te bepalen of iets een nevenfunctie is. Het gaat er alleen maar om dat de betreffende gebruiksfunctie de woonfunctie. Een héle grote schuur om te klussen zal al snel iets bedrijfsmatigs hebben, en dus niet ten dienste van de woonfunctie. Een hele grote opslag wellicht ook. Maar als ik toevallig 3 auto’s heb die ik inpandig wil parkeren – waarom niet? Of het slim is, is wat anders. Maar ik zou niet weten waarom je dat niet als nevenfunctie aan zou mogen merken. Ik heb wel eens een hele grote villa beoordeeld, met inpandig zwembad, gebedsruimte, bibliotheek. Enorme oppervlaktes, niet bepaald ondergeschikt. Maar wel bestemd voor privégebruik van de bewoner – dus nevenfuncties van de woonfunctie. Niets mis mee, toch? Het criterium ‘ondergeschikt’ vind ik wat vaag…

    kruislijst
    Participant
    Post count: 1128

    Als je langer in het zwembad ligt dan dat je woont (slapen, eten, bankhangen) vervalt de ondergeschiktheid.

    Joachim BolteJoachim Bolte
    Moderator
    Post count: 2256

    Is een semantisch dingetje. Wanneer je een ‘nevenfunctie’ hebt, heb je ook een ‘hoofdfunctie’. Hoe bepaal je volgens jullie dan wat ten dienste staat van wat. Uiteraard is oppervlakte niet het enige criterium, maar wel een belangrijke aanwijzing om te zien hoe de onderverdeling in functies uitwerkt.

    Stel die hele grote schuur uit het voorbeeld is ook ‘alleen maar’ bedoeld om wagens te stallen en als hobbyruimte. Die schuur is in oppervlakte 2x zo groot als de woning die er aan vast zit. Wat is op dat moment de hoofdfunctie, en wat staat ten dienste van wat?

    Het is verder niet heel duidelijk omschreven hoe je hiermee om moet gaan, dus de gemeente heeft dan bij de beoordeling ervan het laatste woord. Blijkbaar heeft de gemeente in eerste instantie de originele vergunning beoordeeld alsof het al over verschillende compartimenten gaat… anders krijg je daar geen 60 minuten scheiding. Het zou raar zijn wanneer de gemeente nu opeens wel akkoord zou gaan met het laten vervallen daarvan.

    Joachim BolteJoachim Bolte
    Moderator
    Post count: 2256

    Hier een stukje uit het Praktijkboek bouwbesluit. Niet direct voor Woonfunctie, maar het laat wel zien hoe de opstellers over de term ‘nevenfunctie’ denken:

    Meerdere gebruiksfuncties in één brandcompartiment
    Als er meerdere gebruiksfuncties in een brandcompartiment liggen (zoals in figuur 34), moet het brandcompartiment voldoen aan de eisen die gelden voor elk van die gebruiksfuncties. Voor de omvang betekent dit, dat aan de zwaarste oppervlakte-eis moet worden voldaan.
    De enige uitzondering hierop is de industriefunctie. In een bedrijfsgebouw komen soms ook andere gebruiksfuncties voor, zoals een bijeenkomstfunctie (bijvoorbeeld een kantine) of een kantoorfunctie. Deze nevenfuncties van de industriefunctie zijn in oppervlakte dan vaak ondergeschikt aan de hoofdgebruiksfunctie. Tot een gezamenlijk GO van 100 m2 mogen deze nevenfuncties zonder brandwerende voorzieningen binnen hetzelfde brandcompartiment van de industriefunctie vallen voor brandcompartimenten van 1000 tot 2500 m2

    Blijkbaar is 10% van de oppervlakte in die gevallen dus nog ‘nevenfunctie’ te noemen, en daarna niet meer… Maar eerlijk is eerlijk, de risico-overweging in deze gevallen is anders dan in het geval van de vraagsteller. Ik vind zelf dat je dit soort dingen van geval tot geval moet bepalen als gemeente, met een beetje gezond verstand.

    Om er echt iets van te kunnen vinden moeten we het bouwplan kennen en de aanvraag. En de situatie ter plekke kan ook meespelen. Je mag het natuurlijk niet in de beoordeling van de aanvraag laten meewegen, maar wanneer je een aanvrager hebt die bijvoorbeeld een bedrijf als autospuiterij uitoefent, kun je wel alvast meegeven wat de beperkingen zijn die iemand zich met bepaalde uitvoeringen van het gebouw op de hals haalt.

    jan hus
    Participant
    Post count: 534

    Mja, je hebt eigenlijk wel gelijk, dwz: ik kan me voorstellen dat dat voor niet-woonfuncties wel een rol kan spelen als één van de factoren. Maar bij woonfuncties kan er volgens mij geen discussie ontstaan over wat er ten dienste staat van wat. Het afwegen van m2 speelt daarbij geen rol, alleen hoe de overige gebruiksfunctie feitelijk gebruikt gaat worden.

    Ik ken weinig gemeenten die uit eigen beweging aangeven dat er te veel voorzieningen op de ingediende tekeningen staan. De vraag om de scheiding te verwijderen is volgens mij legitiem…

    Joachim BolteJoachim Bolte
    Moderator
    Post count: 2256

    De aanvrager bepaalt… altijd. Dat is wat de wetgever nastreeft, en die vrijheid (met de daarbij horende verantwoordelijkheid) schijnt de aanvrager aan te moeten kunnen. :?: Wanneer je een scheiding van 60 minuten op tekening zet terwijl er geen nodig is voldoe je aan elke eis. De gemeente heeft geen probleem, dus zal er ook niet moeilijk over doen. Het opstellen van die plannen is een taak van ontwerp- en adviesbureau’s, die ook mogen worden geacht hun werk professioneel te doen.

    Op elke andere manier zou het een beetje hetzelfde zijn als van de Belastingdienst te verwachten dat ze je tips gaan geven voor belastingontwijking nadat ze je jaaropgave hebben ontvangen. Mensen vinden het heel normaal een accountant de aangifte te laten doen, juist vanwege het gewin wat ze krijgen daardoor. Waarom denken aanvragers niet op dezelfde manier over bouwprocessen en vergunningen? 20% faalkosten was het toch gemiddeld? Valt dit ook onder. :wink:

    Als toetsende instantie is het een no-no om te twijfelen aan wat in de aanvraag staat, op dat moment is het ‘de juridische waarheid’. Vandaar ook dat je in een situatie als hierboven, waarbij je bijvoorbeeld weet dat een aanvrager een eigen autobedrijf heeft, in het verleden er al sprake is geweest van bedrijfsmatige bezigheden enzo, niet preventief kunt ingrijpen. Je kunt ten hoogste waarschuwen voor gevolgen.

    maar terug naar de casus: wanneer er termen worden gebruikt als ‘hoofd…’ en ‘neven…’ is er blijkbaar sprake van een verschil in belangrijkheid tussen die twee onderdelen. Die belangrijkheid kan op veel verschillende manieren doorwerken. Uiteraard is de vraag legitiem, maar wij kunnen op dit moment niet echt een beeld vormen over de omstandigheden. En dus ook geen antwoord geven op de vraag ‘mag dat?’.

    Nu gaat het in dit soort gevallen wel om een dusdanig belangrijke ontwerpkeuze, ook voor de rest van het toetsproces, dat ik waarschijnlijk wel tijdens de aanvraag contact zou opnemen met de ontwerper om te zien wat de gedachte achter de indeling is. Ik merk ook dat het grootste deel van de collega’s er niet op die manier in staat, en de aanvraag toetsen ‘as is’.

12 berichten aan het bekijken - 1 tot 12 (van in totaal 12)

Je moet ingelogd zijn om een reactie op dit onderwerp te kunnen geven.