Ik heb een vrij nieuwe supermarkt, waarvoor in 2005 een bouwvergunning af is gegeven. Het betreft een supermarkt met direct daarboven een appartementencomplex. De supermarkt is groter dan 1000m2, en omdat deze zo groot is, is er een op basis van BvB een vuurlastberekening gemaakt. Uiteindelijk is met behulp van die vuurlastberekening een WBDBO bepaald voor de diverse scheidingswanden met belendende percelen, waarbij men voor de scheiding met de appartementen op 126 minuten WBDBO is gekomen.
Omdat de WBDBO 126 minuten moet bedragen, en de scheiding tussen supermarkt 120 minuten bedraagt, is er destijds een gelijkwaardige oplossing voor gesteld voor de overgebleven 6 minuten die niet gedekt zijn (120 + 6 = 126).
Als gelijkwaardige oplossing voor deze 6 over gebleven minuten is een BMI met volledige bewaking en doormelding op basis van NeN2535 en regeling brandmeldinstallatie voor gesteld, en deze is destijds geaccepteerd door B&W als gelijkwaardigheid.
Nu is de BMI opgeleverd in 2010, en heeft hij al een aantal keren nodeloze meldingen gegenereerd. Het onderhoud wordt allemaal keurig gedaan conform de NEN2654-1.
Nu is het zo dat de brandmeldinstallatie dus nodeloze brandmeldingen veroorzaakt. Hier kan mijn inziens niet worden gehandhaaft op basis van het gebruiksbesluit, omdat de installatie volgens het GB niet vereist is, maar afkomstig is vanuit de bouwvergunning. De bouwvergunning vervalt van rechtswege na de afschouwing (dus in 2010).
Blijft dan alleen de gelijkwaardigheid nog over om te kunnen handhaven, of valt deze gelijkwaardigheid weer onder de bouwvergunning, en kan er weer niet op gehandhaaft worden?
Heeft iemand hier ervaring mee?
Ik hoor het graag!
Mvg Dennis


