En nog maar 1.
Bouwverordening (volgens VNG-model) schrijft een verbindingsweg voor indien de toegang van een bouwwerk voor verblijf van mensen meer dan 10 meter van de openbare weg ligt. De lokale situatie maakte dat in de vastgestelde bouwverordening een grotere afstand is opgenomen, tenslotte is de bouwverordenign een lokale bevoegdheid.
Brandweer hanteert daarbij volgens de richtlijn bereikbaarheid dat een geschikte verbindingsweg aanwezig moet zijn indien een object verder dan 40 meter van de openbare weg is verwijderd. (verder geen eisen gebouwfunctie)
Bouwbesluit 2012 eist bij bouwwerken voor verblijf personen dat er een verbindingsweg moet zijn, art. 6.38
Met een aantal uitzonderingen, hier komt de afstand van 10 meter weer terug (in lid 2, aandachtsstreepje 4)
Plus de opmerking dat het niet nodig is "indien de aard, de ligging of het gebruik van het bouwwerk naar het oordeel van het bevoegd gezag geen verbindingsweg als bedoeld in het eerste lid vereist".
Dus voor een veestal op 100 meter afstand van de openbare weg hoef ik geen verbindingsweg meer aan te leggen?
De 40 meter uit de brandweerrichtlijn is in deze dus ook bovenwettelijk?
Moet - gezien het 4e aandachtstreepje - voor iedere grotere afstand dan 10 meter een apart besluit genomen worden of zou het mogelijk om een grotere afstand (zeg 40 meter) ergens vast te leggen als toetsingsafstand (bv. alsnog in de bouwverordening)?


