Artikel "Een omgevingsvergunning voor het brandveilig gebruik"

Laatst aangepast op : 2009-07-09 11:34:50

Volgens de plannen van het ministerie van VROM wordt 1 januari 2010 de Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) van kracht. Sommigen zeggen dat dit nog even duurt, anderen zijn er al druk mee bezig en komen zelfs tijd te kort. Reden voor paniek is er vooralsnog niet, als we maar klaar zijn om de omgevingsvergunning organisatorisch correct kunnen behandelen.

De omgevingsvergunning is een uitwerking van de oude ‘VROM-vergunning’. Toen VROM dit idee lanceerde ging het lauter om de vergunningen met betrekking tot Volkhuisvesting, Ruimtelijke ordening en Milieu. Maar het idee werd snel opgepakt door meer ministeries en wetgevende instanties waardoor de ‘VROM-vergunning’ al gauw een te klein ‘jasje’ werd. Om alle vergunningen uit de fysieke leefomgeving af te kunnen dekken is de naam omgedoopt de ‘Omgevingsvergunning’. Daarmee heeft VROM het zichzelf tevens erg lastig gemaakt. Hoe combineer je al deze procedures, termijnen en juridische grondslagen tot één.

De omgevingsvergunning voegt vergunningen als de bouw-, sloop en milieuvergunning, aanleg- inrit- en kapvergunning, maar ook de gebruiksvergunning met elkaar samen. Voor de afdeling preventie van de brandweer houdt dus ook in dat zij in het omgevingsvergunningproces op meerder aspecten aan bod zullen komen.       

Bevoegd gezag
Één van de obstakels die de Wabo moest overwinnen is het regelen van het bevoegd gezag. Een bouwvergunning wordt afgegeven door de gemeente, een Milieuvergunning met provinciaal belang door de Provincie en Defensie-inrichtingen door het Rijk. Door het samenvoegen van deze vergunningen is binnen de Wabo afgesproken dat het hoogste bevoegde orgaan tevens de lagere vergunningselementen in haar besluit opneemt. Dat houdt dus in dat een Provincie en het Rijk mogelijk ook een omgevingsvergunning met een milieu, bouw en gebruiks proces moet kunnen behandelen. Indien er geen Provinciale- of Rijksverantwoordelijkheid is, dan behandeld de gemeente de omgevingsvergunning.
Indien een omgevingsvergunning wordt ingediend dient deze z.s.m. worden beoordeel wie het bevoegd gezag is. De behandelingstermijn begint namelijk te lopen en indien geconstateerd wordt dat bijvoorbeeld de gemeente niet het bevoegd gezag is maar de Provincie dient deze te worden doorgestuurd. 

Deregulering
Met de komst van de Wabo zijn we gelijk een aantal Wetten rijker. Één van de doelstellingen van het ministerie is de deregulering van Wetten en voorschriften. De komst van onderstaande Wetten en besluiten houden niet in dat er meer voorschriften bij zijn gekomen. Diverse bestaande besluiten en ministeriële regelingen gaan op in de Wabo en vervallen na het van kracht worden van de Wabo.
Om de omgevingsvergunning te implementeren zijn de volgende wetten en besluiten noodzakelijk:

  • Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo);
  • Besluit omgevingsrecht (Bor);
  • Ministeriële regeling omgevingsrecht (Mor);
  • Invoeringswet Wabo.


De ‘Invoeringswet Wabo’ zorgt ervoor dat aanverwante Wetgeving conform de strategie van de Wabo correct blijven functioneren. Zo worden in die Wet diverse artikelen uit het Burgerlijk Wetboek, de Woningwet, de Algemene wet bestuursrecht, de Wet ruimtelijke ordeningen, enz. gewijzigd.

Het ‘Besluit omgevingsrecht’ of zoals in de wandelgangen ook wel ‘het Bor’ genoemd schrijft voor wanneer het noodzakelijk is om een omgevingsvergunning aan te vragen.
Voor het brandveilig gebruik kennen we vanaf  1 november 2008 het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (Gebruiksbesluit). Daar staat nu in wanneer een gebruiksvergunning en wanneer en gebruiksmelding noodzakelijk is.  Door het Besluit brandveilig gebruik bouwwerken (Gebruiksbesluit) zijn de brandveiligheidsvoorschriften voor het gebruik van bouwwerken landelijk geüniformeerd. Voor alle bouwwerken gelden algemene regels. Sommige bouwwerken zijn meldingplichtig zijn en enkele zijn vergunningplichtig. De aanwijzing van een omgevingsvergunning voor het brandveilig gebruik vindt in artikel 2.2 van ‘het Bor’ plaats.
De melding van de meldingplichtige bouwwerken uit het Gebruiksbesluit zal, voor zover er sprake is van samenloop met een omgevingsvergunning (b.v. voor het bouwen), gelijktijdig met de aanvraag van een omgevingsvergunning plaatsvinden. Op het aanvraagformulier voor een omgevingsvergunning wordt aangegeven welk gebruik van bouwwerken meldingplichtig is. Dit moet nog verder worden uitgewerkt in de ‘Ministeriële regeling omgevingsrecht’. De criteria zullen dus uit het gebruiksbesluit worden gehaald en verder geregeld worden in ‘het Bor’ De algemene gebruiksvoorschriften (artikel 2.1 t/m 2.10 Gebruiksbesluit) blijven vooralsnog in het Gebruiksbesluit en zullen volgens de plannen van het Ministerie samengevoegd worden met de voorschriften van het Bouwbesluit.

In de ‘Ministeriële regeling omgevingsrecht’ of wel ‘de Mor’ zullen de indieningvereisten van de omgevingsvergunning worden opgesomd. Zo wordt voor elk onderdeel apart omschreven wat de indieningvereisten zijn. Zo hebben o.a. het bouwen, slopen, milieu, monumenten en het brandveilig gebruik een eigen artikel waarin de indieningvereisten worden opgesomd. Voor het brandveilig gebruik wordt dit geregeld in artikel 5.3 van ‘de Mor’. Ook hierdoor zal het huidige Gebruiksbesluit verder worden uitgekleed.  

De ‘Wet algemene bepalingen omgevingrecht’ schrijft voor wanneer het noodzakelijk is om een omgevingsvergunning voor o.a. het bouwen of het gebruiken aan te vragen.

Artikel 2.1 lid 1 vermeld dat het verboden is om zonder vergunning een project uit te voeren, voor zover dat  geheel of gedeeltelijk bestaat uit;
a)het bouwen van een bouwwerk,….en
d)het in gebruik nemen of gebruiken van een bouwwerk met het oog op de brandveiligheid bij  Algemene maatregel van bestuur aangewezen categorieën.

Bij de in onderdeel d) genoemde AMvB wordt verwezen naar ‘de Bor’.

Procedure
Een omgevingsvergunning, aangevraagd door een rechtspersoon of natuurlijke persoon die een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefent, wordt conform artikel 4.1 lid 2 van ‘het Bor’, uitsluitend gedaan langs elektronische wijze. Dit houdt in dat een omgevingsvergunning voor het brandveilig gebruik (gebruiksvergunning) dus per 1 januari 2010 alleen maar digitaal kan worden ingediend. Het gaat bij het brandveilig gebruik namelijk vaak om een bedrijfsmatige activiteit.

Bij de WABO bepaald de aanvrager welke omgevingsvergunning wordt aangevraagd. Daarbij heeft de aanvrager de keuze uit de volgende vergunningen

  • Één omgevingsvergunning
  • Gefaseerde omgevingsvergunning
  • Deel omgevingsvergunning


De aanvrager moet goed beseffen dat bij één omgevingsvergunning ook alle informatie van het project bekent en definitief zijn. Mocht het plan vanuit de voorschriften van het bestemmingsplan geen goedkeuring krijgen is er veel werk gedaan om een ontvankelijke omgevingsvergunning aan te vragen. Het voordeel van één procedure kan dus ook nadelig zijn.
De aanvrager kan ook kiezen voor een gefaseerde omgevingsvergunning. Hij bepaald zelf wat in welke fase wordt behandeld. Zo kan hij er voor kiezen om eerst de stedenbouwkundige en uiterlijke (welstand) aspecten van de aanvraag te behandelen en in een 2e fase alle technische aspecten. Er mag pas met de werkzaamheden gestart worden als op beide fasen positief is besloten.

Een deel omgevingsvergunning kan aangevraagd worden voor delen die een fysieke relatie hebben met elkaar hebben. Voorbeeld is een omgevingsvergunning om te bouwen en te slopen en een omgevingsvergunning voor het brandveilig gebruik. Bij een deelvergunning worden dus wel meerdere besluiten genomen en zijn er ook meer bezwaar en beroepsmogelijkheden mogelijk. Zo kan een deel van de omgevingsvergunning worden aangevraagd om eerst een bouwwerk te slopen en te bouwen en daarmee te starten. Pas als het bouwwerk (bijna) gereed is wordt de omgevingsvergunning voor het brandveilig gebruik aangevraagd.
Een omgevingsvergunning kan een reguliere of uitgebreide procedure doorlopen. Dit is afhankelijk van de vergunningsdelen die onderdeel vormen van de omgevingsvergunning.

Reguliere procedure
Een reguliere procedure heeft een gebonden karakter. Dit houdt in dat de maatschappelijke gevolgen minder ingrijpend zijn (bijvoorbeeld en bouwvergunning die in overeenstemming is met het bestemmingsplan). De beslissingstermijn is bij de reguliere procedure teruggebracht van 12 weken naar 8 weken. Deze beslissing kan eenmalig met 6 weken worden verdaagd waardoor de maximale behandelingstermijn 14 weken kan bedragen. Indien niet binnen de genoemde termijn beslist wordt is de beslissing van rechtswege positief bekrachtigt (van rechtswege verleed). Voorwaarde bij de reguliere procedure is dat de ontvangst van de aanvraag en de verdaging wordt gepubliceerd.
Naast een ontvangstbevestiging welke onverwijld aan de aanvrager moet worden gezonden, dient het bevoegde gezag ook onverwijld aan de aanvrager te melden welke procedure van toepassing is. Het is aan te raden dit in één brief te voegen. Dit echter niet verplicht.  

Uitgebreide procedure
Bij de uitgebreide procedure is veelal sprake van complexe projecten met een verregaande beoordelingsvrijheid. Daarbij is het noodzakelijk, de verschillende belangen af te wegen, zodat er bij de besluitvorming ook de belangen van derde-belanghebben moet kunnen worden afgewogen.
De beslistermijn is bij de uitgebreide procedure vastgesteld op 26 weken maar deze termijn heeft geen fatale werking. Uiteraard is de Wet dwangsom hierop wel van toepassing. De beslissing kan net als de regulier procedure met 6 weken worden verdaagd.
Vrijwel direct nadat de aanvraag ontvangen is, moet duidelijk zijn welke procedure van toepassing is. Een aanvraag welke de uitgebreide procedure doorloopt hoeft niet bekendgemaakt te worden. De publicatie vindt pas plaats op het moment dat de aanvraag voor ‘belanghebbenden’ ter inzage gelegd wordt. Artikel 3.10 van de Wabo schrijf voor wanneer de uitgebreide procedure van toepassing wordt verklaard. Indien er voor het bouwwerk een omgevingsvergunning voor het brandveilig gebruik noodzakelijk is geldt altijd de uitgebreide procedure (artikel 3.10 lid 1b). Dit komt omdat het onwenselijk is dat er van rechtswege toestemming wordt gegeven om het bouwwerk te gebruiken.

Inwerkingtreding beschikking
De regel is dat een besluit met ingang van de dag na haar bekendmaking in werking treed. Daar zijn wel een paar uitzonderingen op. Bijvoorbeeld bij de activiteit ‘kappen’. Gebruik maken van de beschikking kan tot onomkeerbare gevolgen leiden. Ook een besluit voorbereid met toepassing van de afdeling 3.4 Awb valt binnen de uitzonderingen. Het gaat hier om besluiten met de uitgebreide procedure.  In al deze uitzonderingen gaat het besluit pas in na afloop van de termijn waarbinnen bezwaarschriften kunnen worden ingediend of, ingeval van een voorlopige voorziening, op dit verzoek is beslist. Het besluit gaat daardoor pas zes weken na de dag van haar bekendmaking in. Dit is bij een omgevingsvergunning voor het brandveilig gebruik dus ook het geval.

Gevolgen voor de brandweer
Onder de Wabo gaat de gebruiksvergunning een andere waarde krijgen. De aanvraag wordt vooraf, zonder dat het bouwwerk is gebouwd of in gebruik is genomen beoordeeld (op aanwezigheid installaties e.d.) en verleend op grond van de algemeen geldende voorschriften (uit het Gebruiksbesluit). De verdere gebruiksvoorschriften zoals de controle van blusmiddelen en installatie vallen onder de verantwoordelijkheid van de gebruiker en kunnen door het bevoegd gezag repressief worden gehandhaafd.
Een omgevingsvergunning met brandveilig gebruik moet voorafgaand aan het besluit ter visie worden gelegd conform artikel 3.4 Awb. Hierdoor kunnen belanghebbende hun zienswijze kenbaar maken aan het bevoegd gezag. De vergunning krijgt pas zijn rechtskracht zes weken na de besluitvorming of nadat besloten is op de voorlopige voorziening.
Verder zal beter samen moeten worden gewerkt met de gemeente en zal de omgevingsvergunning met o.a. het brandveilig gebruik, afgegeven worden de gemeente of het betreffende bevoegd gezag.

Door Huib van de Vrie, Coördinator vakgroep Fysieke Veiligheid, InterConcept Advies & Uitvoering

Zoeken

Login paneel


Onthoud mijn gegevens
Niet geregistreerd?
Registreer nu!

Wachtwoord vergeten?

Partners

Obex, neemt brandveiligheid serieus

Adviesbureau Munnik

Beveiligingnieuws

buro BRANDPREVENTIE

Verzekeringen

Van Hooft Adviesburo

Uw logo hier?

Advertenties